Groningen is pas thuis als mensen zich gezien voelen- Algemene beschouwingen 2026
Tijdens de algemene beschouwingen vroeg Agnes Bakker namens onze fractie aandacht voor het perspectief van inwoners. Niet de kaarten, cijfers en statistieken moeten centraal staan, maar de mensen die hier wonen.
Aanleiding voor haar bijdrage was de onlangs gelanceerde Subjectieve Atlas van Groningen. Een gewone atlas laat zien hoe een gebied eruitziet in kaarten, data en statistieken. De Subjectieve Atlas kiest een andere route: die van verhalen. Verhalen van inwoners over Groningen als de plek die zij thuis noemen.
De atlas kwam tot stand door workshops verspreid over de provincie. Mensen gingen met elkaar in gesprek over hun relatie met Groningen, over identiteit, thuishoren, beeldvorming en zeggenschap. Daarmee laat de atlas zien hoe waardevol het is om verschillende perspectieven bij elkaar te brengen.
Volgens onze fractie is juist dat menselijke perspectief in Groningen hard nodig. Het ontbreken daarvan komt veel inwoners helaas maar al te bekend voor.
“Een plek wordt pas een thuis als mensen zich gezien voelen. Als ze invloed ervaren. En als ze erop kunnen rekenen dat de overheid naast hen staat,” stelde Agnes.
Juist daar ging het het afgelopen jaar op meerdere momenten mis. Verschillende dossiers lieten zien dat inwoners zich niet gehoord voelden, dat informatie niet klopte en dat belangrijke vergunningen en deadlines over het hoofd werden gezien. Het rapport-Sibma heeft dat pijnlijk blootgelegd.
Inmiddels ligt er een plan van aanpak met de naam Horizon. Maar een horizon is geen eindpunt. Perspectief ontstaat pas als inwoners daadwerkelijk merken dat de provincie heeft geleerd van haar fouten en anders gaat handelen.
Voor veel Groningers ontbreekt dat perspectief nog altijd. Voor mensen die wachten op herstel van schade en vertrouwen na de gaswinning. Voor inwoners die zich zorgen maken over uitstoot van industrie of over zoutwinning. Voor vrouwen die zich niet altijd veilig voelen in hun eigen leefomgeving. Voor mensen die hun thuis moesten ontvluchten en terechtkomen in een opvangsysteem dat zowel hen als de inwoners van Ter Apel al jaren tekortdoet.
Ook voor mensen die iedere maand moeten puzzelen om rond te komen, is thuis zijn niet vanzelfsprekend. Armoede gaat niet alleen over geld. Het beperkt de vrijheid om mee te doen, keuzes te maken en een toekomst op te bouwen. En in dorpen waar de basisschool, huisarts, bus of supermarkt steeds verder uit beeld verdwijnen, wordt duidelijk dat een thuis meer is dan een huis.
Daar komt bij dat ook het landschap, de rust, de Waddenzee en de natuur steeds verder onder druk staan. Tegelijk kijkt Den Haag opnieuw naar Groningen voor kerncentrales of mogelijke opslag van kernafval.
Volgens onze fractie wordt Groningen nog te vaak gezien als de plek waar Nederland zijn problemen kan oplossen. Terwijl de vraag wat Groningers nodig hebben centraal moet staan. Ook in Den Haag.
Agnes benadrukte dat perspectief niet alleen over vandaag gaat, maar juist over de keuzes die we maken voor de generaties na ons.
“Volgens mij is het onze opdracht om goede voorouders te zijn. Alle keuzes van vandaag hebben invloed op meerdere generaties na ons,” aldus Agnes.
Daarom waardeert onze fractie het dat de provincie jongeren betrekt bij het nieuwe Volkshuisvestingsprogramma. Wie wil weten hoe Groningen er over tientallen jaren uitziet, moet luisteren naar de mensen die daar dan wonen. Maar als jongeren worden gevraagd om mee te denken over beleid, hoort daar ook een eerlijke waardering voor hun tijd en inzet bij. Daarom diende onze fractie een motie in om deelnemers aan de JongerenTop beter te waarderen.
Ook diende onze fractie een motie in om te onderzoeken of Groningen een Provinciedichter kan krijgen. Niet omdat kunst alle problemen oplost, maar omdat kunst kan helpen om de wereld vanuit een ander perspectief te bekijken.
Aan het einde van haar bijdrage stond Agnes stil bij de samenwerking van SP Pekela met de PVV en het besluit van een meerderheid van de Partijraad om dit te accepteren. Dat raakte haar persoonlijk diep.
Voor Agnes en onze fractie ligt er een politieke én morele grens bij samenwerking met extreemrechts. Dat deze grens niet langer voor iedereen vanzelfsprekend lijkt, heeft haar serieus doen twijfelen of zij nog verder wilde als volksvertegenwoordiger.
Toch maakte juist de voorbereiding van de algemene beschouwingen opnieuw duidelijk waarom zij dit werk doet. Omdat solidariteit nodig blijft. Omdat inwoners recht hebben op een overheid die naast hen staat. En omdat politiek begint bij de bereidheid om de wereld ook door de ogen van een ander te bekijken, want dat is wat solidariteit ook van ons vraagt.